Schrijfbeest: korte verhalen

Monday, November 26, 2007

Power! Attitude!

Power! Attitude!

Commentaar van de jury, week 1
“We zien niet echt die power.”
“Je hebt een mooie kop, maar een lege uitstraling.”
“Je bent door naar de volgende ronde, maar je zult hard aan die attitude moeten werken.”

“Zo, Godelief. Gefeliciteerd!”
De verslaggeefster heeft vuurrood haar en bijna even rode lippen. Het vormt een vreemd contrast met haar zonnebankbruine huid. Je zou toch denken dat een modejournaliste beter weet, denk ik bij mezelf. Ik weet ook niet waarmee ze me zou moeten feliciteren. Ik ben er tenslotte uit gegooid. Ik trek één wenkbrauw op. “Je bent vijfde geworden,” zegt de verslaggeefster. “Dat is netjes, hoor. We doen altijd een interviewtje met iedereen die eruit gaat, en vanaf de vijfde zie je toch altijd wel een verschil.”
Dit moet ik blijkbaar als een compliment opvatten. Ze probeert me te paaien, zodat ze me straks gemakkelijk de verkeerde antwoorden kan ontlokken. In de afgelopen paar weken ben ik jaren ouder geworden. Ik weet nu hoe het werkt.
We gaan zitten, ze stelt zich voor als Tanja en bestelt voor ons allebei een Spa blauw. Ik geloof niet dat ik zin heb in leidingwater, maar blijkbaar heb ik weinig keus. Tanja glimlacht naar me. “Ja, ik weet het inmiddels wel, hoor. Modellen, altijd een spaatje.” Voor het eerst doe ik mijn mond open. “Ik had eigenlijk liever een warme chocomel met slagroom gewild. Ik mag nu toch weer alles eten.” Tanja lacht geforceerd. “Zullen we maar beginnen?”

Commentaar van de jury, week 2
“Die power heb je nog steeds niet.”
“Meid, het lijkt wel alsof het kleinste beetje emotie bij jou uit je ténen moet komen. Als je nou kijkt naar die andere dames, bij hen gaat het vanzelf. Waarom is dat voor jou nou zo moeilijk?”
“Je foto’s zijn prachtig, maar ik zíe verder niks.”

“Goed, Godelief. Wat was je eerste gedachte toen je hoorde dat je Topmodel Battle moest verlaten?”
“Godzijdank.”
“Godzijdank?”
“Ja. Ik was het nogal zat om continu te moeten horen dat ik geen persoonlijkheid had. Dat is namelijk niet echt bevorderlijk voor je zelfvertrouwen.”
“Je had dus problemen met het commentaar van de jury?”
“Nou ja, wat ik al zei. Het is de bedoeling dat zij zeggen wat ze denken, maar het is niet echt leuk om te horen.”
“Maar als jij dat zo vervelend vond, waarom ben je dan niet uit jezelf opgestapt?”
“Ik denk dat ik daar te weinig power voor heb.”
Tanja kijkt me een beetje verward aan en bladert door haar blocnote. Volgende vraag. Ik heb gisteren de interviews met Angelique en Shira gelezen. Ze heeft gewoon een set standaardvragen die we allemaal moeten beantwoorden.
“Wat vond je het mooiste moment uit jouw Topmodel Battle-tijd?”
“Het uitzicht vanuit het vliegtuig. Ik had nog nooit gevlogen. Toen we boven de wolken vlogen, en toen over de alpen… dat was echt fantastisch. Vooral de terugreis.”
“En van de ervaringen die specifiek met het modellenwerk te maken hadden?”
“De shoot met de tijger. Dat beest was zó lief. Hij begon aan mijn handen te likken, net een klein poesje. Ik begrijp niet waarom de andere meiden zo bang voor ‘m waren.”

Commentaar van de jury, week 3
“Het lijkt wel alsof je onze waarschuwingen negeert.”
“We willen meer van jóu zien.”
“Je komt koud en leeg over. Je bent mooi en daarom mag je door, maar ik zou je zo niet inhuren.”

“Wat vond je het zwaarst aan Topmodel Battle?”
“Eh, nou, alles.”
“Kun je iets specifieker zijn?”
“Nou ja, stel het je maar eens voor. Je zit in een wespennest met negen andere meiden die allemaal minstens zo mooi zijn. Als je een handje chips eet, krijg je negen afkeurende blikken. Er loopt voortdurend een cameraploeg achter je aan. Ze zeggen “dit is mooie televisie, jongens, ga door!” als iemand zich ellendig voelt. En dan krijg je ook nog eens iedere week te horen dat je geen persoonlijkheid hebt.”
“Waarom trek je je dat jurycommentaar zo aan?”
“Hoe zou jij je voelen als ze zoiets over jou zeiden?”

Commentaar van de jury, week 4
“Je lijkt wel een pop. Een mooie pop, maar toch.”
“Ik zou je wel door elkaar willen rammelen. Waar is nou toch die persoonlijkheid, Godelief?”
“Power zeg ik, power! Attitude! Godelief, je begrijpt toch wel dat we je alléén door laten gaan op vóórwaarde dat we deze week meer jóu zien, meer van de méns achter dat mooie meisje?”

Tanja steekt een sigaret op. Ze blaast de rook net naast mijn gezicht en slaat maar weer eens een blaadje van haar schrijfblok om. Niet dat ze iets hoeft op te schrijven, een bandrecordertje loopt mee om alles op te nemen wat ik zeg. Over een paar weken zal ik het teruglezen als een gelikt interviewtje waar de dingen die niet in het plaatje passen, zijn uitgefilterd.
“Wie zul je het meest missen uit het huis?”
“Missen? Waarom zou ik die mensen missen? Ik ken ze amper.”
“Godelief, alsjeblieft.”
“Ik meen het. Ik kan niet echt zeggen dat ik een band met die meiden heb gekregen. Misschien heeft het te maken met mijn algehele gebrek aan persoonlijkheid. Misschien willen ze niet bevriend zijn met een mooie pop.”
“Goed. En met wie had je het meeste moeite?”
“Met Camilla. Ik hoop dat ze zelf ook wel begrijpt waarom, maar ik vrees van niet.”
“Kun je wat specifieker zijn?”
“Kijk maar eens naar het programma.”

Commentaar van de jury, week 5
“We hebben het al te vaak gezegd. Je hebt totaal geen persoonlijkheid.”
“Het lijkt op die foto wel alsof je… niemand bent.”
“We geven je nog één kans. Maar op vóórwaarde dat je echt gaat knállen deze week.”

“Wie denk je dat Topmodel Battle gaat winnen?”
“Camilla.”
“Waarom?”
“Likken naar boven, trappen naar onder. Hoewel, op die manier zou eigenlijk iedereen nog wel kunnen winnen. Maar ik denk dat Camilla het liefst likt en het hardst trapt.”
Vermoeide zucht. “Is er nog iets dat je kwijt wilt?”
“Ja. Warme chocolademelk met slagroom is ontzettend lekker. Chips met barbecue-ham-smaak trouwens ook. En Ben & Jerry’s. Nu wil je zeker ook weten welke smaak? Chunky Monkey. Ik raad alle modellen aan om daar eens een hele bak van leeg te eten.”

Commentaar van de jury, week 6.
“Ik denk dat ik voor ons allemaal spreek als ik zeg: ik geef het op.”
“Er is gewoon geen greintje power uit jou te krijgen.”
“Het is ontzettend zonde, want je zou een fantastisch model kunnen zijn. Maar je mist gewoon die persoonlijkheid.”


Tanja klapt haar blocnote dicht, drukt op het stopknopje van haar bandrecorder, drukt haar sigaret uit, kijkt me aan. “Ik begrijp het niet. Ik begrijp er echt helemaal niks van.”

Sunday, November 11, 2007

Dennis en Chantal

Genaaid voelt hij zich. Aan alle kanten ingesloten. Schuldig, maar zonder dat hij dat wilde. Misschien wilde hij het ook wél. Misschien ging het te goed tussen hem en Chantal, misschien werd hij er bang van, misschien had hij zijn eigen geluk willen saboteren. Al die dingen schieten door zijn hoofd en dat irriteert hem, hij houdt helemaal niet van dat psychologische gedoe.

Zij voelt zich bedrogen. Ze kijkt naar Dennis en ziet een jongen die haar zou belazeren als hij de kans kreeg. En die kans heeft ze hem gegeven. Ze dacht dat ze de waarheid wilde weten, maar nu beseft ze dat ze het beter níet had kunnen weten. Soms is dat beter. Maar nu is het te laat. En ze schaamt zich voor wat ze hen beiden heeft aangedaan.

Hij denkt na over wanneer het begonnen moet zijn. Wanneer voegde het onbekende meisje, dat zich LadyLove noemde, hem toe op MSN? Het was een regenachtige dag, dat herinnert hij zich nog wel. Eind januari, begin februari, dat weet hij niet meer precies. Boeit ook niet.
Chantal was al even weg toen hij zijn computer aanzette. Ze hadden een chille middag gehad, hij had geprobeerd haar te leren jumpen, wel lachen. Nu een tijdje kon ze het best goed. ,,Zo kan ik me weer met jou in de Time Out vertonen,” had hij voor de grap gezegd. Daarna hadden ze nog even seks gehad. Het was fijn, niet heel bijzonder, maar gewoon fijn. Hij was tevreden met haar en met hun relatie.
En toen voegde LadyLove hem dus toe. Hij kent dat eerste gesprek uit zijn hoofd, hij heeft de chatlog later nog heel vaak doorgelezen.

LadyLove zegt:
Heey lekker ding… ik zag je profiel… ik vind je vet lekker!Dennis zegt:
Heey wie ben jij?
LadyLove zegt:
Je kent me niet
Dennis zegt:
Ow… vertel eens wat over jezelf dan
LadyLove zegt:
Nou ik ben 17… uit Hoofddorp
Dennis zegt:
En je heet..?
LadyLove zegt:
Zeg ik niet… ik hou ’t graag een beetje spannend…

Hij zag er niet veel kwaad in, zocht er niets achter. Hij vond het wel leuk dat ze hem lekker vond, voelde zich wel gevleid natuurlijk. Voor het gesprek echt persoonlijk kon worden, ging hij offline om voetbal te kijken. ,,Bye mooie man,” zei ze toen hij wegging. Dat schoot die avond nog wel een paar keer door zijn hoofd.

Chantal lag die avond gedachtenloos heen en weer te zappen op haar bed. Ze had er spijt van. Je eigen vriend proberen te verleiden met een fake MSN-adres… eigenlijk was dat toch wel een naaistreek. Gelukkig was hij er niet echt op ingegaan, al zei hij wel “kus” toen hij wegging. Ze had altijd gedacht dat hij dat alleen tegen haar zei. Ze zou gewoon nooit meer als LadyLove online gaan, besloot ze. Het was een stom plan en een stomme naam ook trouwens.
Maar het lukte haar niet. De verleiding was te groot. Ze wilde het weten, móest het weten. Of het bleef bij alleen kijken naar andere meiden, als hij dacht dat zij het niet zag.
Twee dagen later sprak ze hem weer aan.

LadyLove zegt:
Heey lekker mannetje
Dennis zegt:
Eey… hoe is het?
LadyLove zegt:
Jah goed met jouw?
Dennis zegt:
Ook goed
LadyLove zegt:
Mag ik een foto van je?
Dennis zegt: jah is goed hoor
Dennis verzendt het bestand “voetbal3”
LadyLove zegt:
Je bent echt f&*cking lekker man
LadyLove zegt:
Heb je een vriendin?
Dennis zegt:
Ja…
LadyLove zegt:
Kut ;)
LadyLove zegt:
Hoe lang?
Dennis zegt:
7 mnd
LadyLove zegt:
Is het serieus?
Dennis zegt:
Jah wel serieus jah

Chantal realiseert zich nu dat ze blij had moeten zijn met deze bevestiging. Maar dat kon ze toen niet. Ze vond dit nog geen aanwijzing dat hij niet in staat zou zijn tot vreemdgaan. Hieruit leidde ze nog niet af dat hij alleen van háár hield. Ze wilde hem gek maken, zien hoe lang hij het hoofd koel zou kunnen houden.

Dennis voelde zich tegelijkertijd gevleid en ongemakkelijk bij al die aandacht. Hij kreeg foto’s toegestuurd van een meisje dat mooier was dan drie Chantals bij elkaar. Model was ze, zei ze. En ze was gek op hem. Terwijl Chantal steeds stiller en chagrijniger werd. Met LadyLove had hij tenminste lol. En ze wist dat hij een vriendin had, daar was hij duidelijk over geweest, dus hij vond dat hij zich niet schuldig hoefde te voelen. Maar het ging steeds verder, dat merkte hij ook wel. Hij was nooit zo van de voorgevoelens, paranormale onzin vond hij dat altijd, maar nu leek het toch echt alsof hij een naar voorgevoel had.

LadyLove zegt:
Heey ff vraagje
Dennis zegt:
Jaah?
LadyLove zegt:
Vind je mij leuk?
Dennis zegt:
Je weet toch, ik heb een vriendin
LadyLove zegt:
Ja, dus?
LadyLove zegt:
Je kunt ook meer meiden tegelijk leuk vinden toch
Dennis:
Jah ok dan vind ik je wel leuk

Waarom hij dat zei? Geen idee. Hij vond haar leuk. Dat was waar. Lekker sexy, lekker gek. Spontaan. Chantal was lief, maar niet echt spontaan ofzo. Hij voelde zich wel schuldig. Hij zou het niet verder laten komen dan dit, sprak hij met zichzelf af. Dit was nog onschuldig. Gewoon wat flirten. Hij zou echt niet vreemdgaan ofzo.

Wat Chantal vooral zo’n pijn deed, was dat hij het haar niet vertelde. Hij had het nooit over LadyLove. Als hij dat wel had gedaan, was ze er meteen mee opgehouden. Dan had ze het niet meer kunnen verdragen. Maar hij verzweeg het voor haar. En daardoor wilde ze steeds meer weten. Hoe ver zou hij gaan?
Het was alsof LadyLove erbij was als ze samen waren. Ze zat tussen hen in op de bank, lag bij hen in bed, liet hen niet meer alleen. Chantal voelde dat Dennis met zijn gedachten bij haar was. Het lukte haar niet meer om te doen alsof er niets aan de hand was. ,,Wat heb jij toch, de laatste tijd?” vroeg hij haar op een avond. ,,Hoezo?” vroeg ze, zogenaamd onschuldig. ,,Ja, kweenie, je bent zo anders,” zei hij. ,,Eerst was je veel vrolijker enzo. Als er wat is zeg je het wel hè?”
Dat was het. Hij deed niet méér moeite om er achter te komen wat er met haar was. Ook dat kwetste haar.
Ze besloot hem nog één keer keihard te testen.

LadyLove zegt:
Heey heb je morgen wat te doen?
Dennis zegt:
Ik geloof ’t niet, hoezo?
LadyLove zegt:
Kunnen we afspreken… zin om naar Hoofddorp te komen?
LadyLove zegt:
Ben zo nieuwsgierig hoe je echt bent weet je…
Dennis zegt:
Jah is goed… ben ook nieuwsgierig

En dat was hij. Misschien iets té nieuwsgierig. Maar hij zou niet met haar gaan zoenen ofzo. Dat wist hij zeker. Hij wilde haar gewoon zien als vriendin. Hij had al zo vaak met haar gechat. En hij zou het Chantal ook vertellen, hij zou het niet stiekem doen. Zo was hij niet.
Leg dat Chantal maar eens uit. Nog geen half uur later stond ze in zijn kamer. Riep eerst twintig keer “hufter!”, toen kwam het hele verhaal eruit. Dat zíj verdomme LadyLove was. Dat het allemaal een test was geweest, een f*cking test!

Hij kijkt naar haar, schudt ongelovig zijn hoofd. Dat zij hem zo zou naaien, dat had hij nooit gedacht. Ziekelijk jaloers was ze al die tijd, zonder dat ze iets had laten merken. Al zijn gevoelens voor haar zijn opeens verdwenen. Hij kan haar nooit meer vertrouwen.
Zij kijkt naar hem door een waas van tranen. Hij heeft de test niet doorstaan. Nu is de waarheid boven tafel en wil ze de waarheid niet meer. Maar het is te laat. Ze zal hem nooit meer kunnen vertrouwen.

Sunday, April 29, 2007

Obsessie

Voordat mensen rare dingen gaan denken van mij of mijn huisgenoten: dit verhaal is natuurlijk puur fictie!

Ik weet hoe haar ondergoed eruit ziet. Haar lingeriestijl is net zo gevarieerd als haar kledingstijl. Ze heeft simpele witte slipjes en doorzichtige, kant-achtige strings in verschillende kleuren. Jezus, wat zijn die dingen geil. Ik vraag me af waarom ze ze aan de waslijn heeft laten hangen. Zou ze al die dingen niet mee willen nemen naar Barcelona? Vooral die kanten. Die kan ze vast wel gebruiken als ze achter de gladde Spanjaarden aan gaat. Want dat zou ze gaan doen, zei ze vanmorgen lachend tegen me, terwijl ze haar tas aan het inpakken was. ,,Ze maken geen schijn van kans.” Ze grijnsde breed. Ik zag jurkjes in haar rugzak verdwijnen, rokjes, sexy hemdjes en zelfs twee paar hakken. Dat was de aanleiding van ons gesprek. ,,Je gaat toch maar een weekje?” merkte ik op. ,,En je studievereniging bestaat toch alleen maar uit meisjes?” Toen zei ze dat van die Spanjaarden. Misschien deed ze dat expres. Misschien voelde ze wat er zich bij mij onder de oppervlakte afspeelde. Het volgende moment sprong ze op om nog iets uit de douche te pakken. Licht neurotisch rende ze het hele huis door, drie trappen op, drie trappen af. Klopte op deuren van huisgenoten die ooit nog iets van haar geleend hadden dat ze NU terug moest hebben omdat het mee moest. Ze straalde van gespannen verwachting. En dat ondergoed is ze dus vergeten.

Twee maanden geleden stond ik op dezelfde plek als nu. Toen stond ik ook naar de was aan de waslijn te kijken, alleen dan met acht anderen. Achter de deur van Rick was het overleg in volle gang. Daarbinnen werd ons lot bepaald. Eén iemand zou de kamer krijgen. De rest had hier de hele avond voor niks gezeten. Natuurlijk hoopte ik vurig dat ik de gelukkige zou zijn. En niet alleen omdat ik het zat was om iedere dag drie uur in de trein te zitten. Ik had haar gezien en was verkocht. Ik moest bij haar in huis komen te wonen.
,,Check die groene bh,” zei de zweterige jongen die de hele avond naast me had gezeten. ,,Die is vast van dat meisje met dat rode haar.” Ik was dus niet de enige met een verborgen agenda. Maar hij zou die kamer niet krijgen, dat wist ik toen al. Het volgende moment ging de deur open en werd bekendgemaakt dat ik het geworden was. Iedereen droop af en ik kreeg nog een biertje. Zij ging alvast naar bed. Ze was doodmoe van de hospiteeravond en moest de volgende dag weer vroeg op. Ik vond het niet erg. Ik zou nog genoeg tijd hebben om haar te leren kennen.

Voorzichtig maak ik een knijper los. Mijn handen trillen licht als ik het stringetje van de waslijn pak. Ik breng het naar mijn neus en snuif de geur ervan op. Ik ruik voornamelijk wasverzachter, veel wasverzachter. Maar ik verbeeld me dat ik ook een zilte geur ruik. Haar geur.
Zou ze al weten dat ze geen ondergoed bij zich heeft? Hoe zou ze reageren? Ze zal er vast om lachen, iets lenen van haar vriendinnen – misschien wel van die wulpse blonde met die krullen – en in Barcelona heel veel nieuw ondergoed kopen. Rode kanten strings, een hele tas vol. Zonder erbij na te denken prop ik het stringetje in de zak van mijn broek.

Na een paar weken kende ik haar gewoontes. Ze eet haar boterhammen het liefst met pindakaas en hagelslag. Voor ze gaat slapen zet ze altijd nog even harde muziek op. Ze was haar haar met shampoo “voor dun en breekbaar haar”. Ze pakt gemiddeld om de vier dagen een schone handdoek. Ze drinkt standaard een glas rode wijn bij het avondeten. Ze leest opiniebladen terwijl ze kookt. Ze neemt iedere donderdagavond een jongen mee naar huis. Ze is meer een kreuner dan een schreeuwer. Ze stelt de afwas altijd zo lang mogelijk uit.
Ze weet niets van mijn gewoonten en dat is maar goed ook.

Het slot van haar deur is kapot. Dat weet ik omdat ik haar laatst heb geholpen toen ze het niet meer open kreeg. ,,Ik zou het maar even niet meer op slot doen, tot je er iemand naar hebt laten kijken,” raadde ik haar aan. Er is nog steeds niemand voor geweest. Ze stelt het steeds uit. Ze heeft een hekel aan die dingen. ,,Ik denk niet dat jullie mijn kamer zullen leegstelen,” zegt ze. Daar heeft ze gelijk in. Dat zou niemand hier ooit doen. En ik, ik zal nergens aankomen. Of in elk geval alles netjes terugleggen.
De zwarte gordijnen heeft ze dichtgedaan. Mijn ogen moeten even wennen aan het donker. Dan begin ik de contouren van haar spullen te onderscheiden. Haar bed, dat ik altijd hoor kraken en piepen door de muur heen. Haar klerenkast, een bakbeest van een ding waarin ze al haar mooie kleertjes bewaart. Haar bureau, waaraan ze studeert en chat met de jongens die hier op donderdagavond komen. Er hangt een vage parfumlucht. De klok tikt rustig mijn illegale seconden hier weg. Zachtjes sluit ik de deur achter me. Niemand mag me hier betrappen. Alleen ik begrijp wat ik hier doe. Ik wil haar kennen.
Ze heeft een hele la vol met ondergoed. Het ruikt allemaal hetzelfde: naar wasverzachter. Alleen in één bh hangt een vage rooklucht. Waarom heeft ze die niet in de was gedaan? Waarschijnlijk gewoon niet aan gedacht, sufgeneukt als ze was door een donderdagavondjongen.
Ik doe haar enorme klerenkast open. Opvallende lege plekken waar ze de kleren bewaart die ze nu heeft meegenomen naar Barcelona. Maar nog altijd genoeg om uit te kiezen. Hoe zou het voelen om haar te zijn? Ik trek mijn broek en shirt uit en laat een satijnen nachtponnetje over mijn hoofd glijden. De zachte, verleidelijke stof streelt mijn huid. Dus hier slaapt ze in, dit voelt ze als ze in bed ligt. Ik wil het nog even aanhouden voor ik terugga naar mijn hoekige, spijkerbroekdragende zelf. Wat maakt het uit? Ik heb alle tijd. Een hele week voordat ze terugkomt. Ze zijn nu waarschijnlijk nog niet eens in Frankrijk met die bus.
Zou ze een dagboek bijhouden? Zo ja, dan wil ik het lezen. Ik wil haar horen praten. Echt praten, niet over koetjes en kalfjes en ditjes en datjes. Ik wil weten of het waar is dat ze met Rick geneukt heeft. Ik wil weten wat háár smerige geheimen zijn. Iedereen heeft smerige geheimen, daar ben ik van overtuigd. Het is de kust om ze te weten zonder dat anderen achter die van jou komen.
Ik kijk in al haar laden, maar vind niets wat op een dagboek lijkt. Ik vind alleen maar oude collegeblokken, administratie, opladers. Ik weet nu wel dat ze bang is om ziek te worden, dat bleek duidelijk uit de uitgebreide polis van har ziektekostenverzekering. Maar dat is niet het soort informatie waarnaar ik op zoek ben.
Ik zet haar computer aan. Veel mensen houden tenslotte hun dagboek bij op de computer. Ik bekijk haar bestanden. Vooral veel gortdroge dingen voor haar studie. Essays, beschouwingen, excel-bestanden met grafieken. Ze heeft ook veel digitale foto’s. Ik bekijk ze allemaal, ook al word ik misselijk van al die blije groepjes met lachende mensen. Het lijkt wel of haar leven volledig schoon en helder is. Ze houdt haar smerige geheimen goed verborgen. Ze heeft zelf niet één erotisch getinte website in haar internetgeschiedenis. Ik zet haar computer weer uit.
Ik kijk haar kamer rond. Ik heb alles gezien en niets gevonden. Ik heb een leeg, onbevredigd gevoel, zoals wanneer een pornofilm vreselijk blijkt tegen te vallen. Dan valt mijn oog op een hoekje dat onder haar kussen uit steekt. Het hoekje van een rood schrift. Ik denk niet dat ze studieaantekeningen onder haar kussen zou verstoppen.
Voorzichtig ga ik op het bed zitten en trek het schriftje onder het kussen uit. Gulzig sla ik het open. Eindelijk een kijkje in haar geheimen.
Dan gaat haar deur open.

Ze was niet alleen haar ondergoed vergeten. Ze was in alle haast ook haar identiteitskaart vergeten. Ze kwam er achter toen de bus halverwege België was. Haar vriendinnen probeerden haar nog over te halen om gewoon mee te gaan. De kans dat ze gecontroleerd zouden worden was niet zo groot. Maar zij durfde het risico niet te nemen. Ze heeft haar tas uit het bagageruim gehaald en is teruggekomen.
Dat heeft ze me allemaal niet zelf verteld. ,,Godverdomme!” was het enige wat over haar lippen kwam toen ze haar kamer binnenliep en mij zag zitten, op haar bed, in één van haar satijnen nachtponnetjes, lezend in haar rode schrift. Ik begrijp wat voor indruk dat moet hebben gemaakt. Maar ik bedoelde het niet slecht. Ik wilde haar alleen maar leren kennen. Niemand heeft daar begrip voor gehad.
Ik zit nu weer bij mijn ouders. ,,We hoeven je zeker niet uit te leggen waarom we eisen dat je vandaag nog verhuist,” zei Rick, die ze er meteen bij riep, laf als ze is. Later heb ik hem nog een keer gebeld en geprobeerd het recht te zetten. Dat is niet echt gelukt. Maar ik weet nu in elk geval hoe het kon dat ze zo plotseling terugkwam. Dat had ik nooit kunnen voorzien. Dus de hele situatie is eigenlijk mijn schuld niet. En hoe vervelend het allemaal ook is, één ding heb ik er in ieder geval aan overgehouden. Ik haal het rode stringetje uit mijn zak en snuif er nog eens aan.

Wednesday, April 18, 2007

Het zwarte jasje

Doen. Niet doen. Doen. Niet doen. Doen: ik vind dit shirtje geweldig, en ik heb het op zich ook wel nodig. Niet doen: ik kan het niet betalen. Oh God, ik kan niet beslissen. Het welbekende Engeltje en Duiveltje zitten elk op één van mijn schouders. Deze twee kleine vriendjes zijn mijn trouwste metgezellen als het op shoppen aankomt. Ik heb mijn vriendinnen niet eens meer nodig. Ik shop regelmatig in mijn eentje. Met Engeltje en Duiveltje. Engeltje heeft een klein rekenmachientje in de zak van zijn witte gewaad. Zijn berekeningen komen altijd uit op hetzelfde: niet doen. Want: geen geld, of tenminste, niet genoeg. Dus: geen nieuwe tas, geen nieuw shirtje, geen nieuw paar schoenen.
Maar Duiveltje doet niet aan berekeningen. Hij vindt berekeningen nutteloos. Ze verpesten de lol. Als je iets leuk vindt, moet je het gewoon kopen. Hij kan er altijd een goeie reden voor bedenken. Omdat ik over een paar jaar oud en dik zal zijn, te dik om in dit soort leuke shirtjes te passen, dus het zou zonde zijn om het nu niet te kopen. Omdat ik toch wel een beetje lol mag hebben. Mijn leven is al saai genoeg. Omdat het afgeprijsd is, en ik mijn kans moet grijpen. Je vindt niet elke dag zo’n cool shirtje voor bijna geen geld. Natuurlijk wint Duiveltje altijd. Soms vraag ik me af waarom Engeltje nog de moeite neemt om met ons mee te gaan winkelen, want niemand luistert ooit naar hem. Ik denk dat hij meegaat omdat hij nou eenmaal een engel is: hij is te goed om het op te geven. Het zou zondig zijn om mij niet tegen mezelf te beschermen. Of zoiets. Ik ben duidelijk gek aan het worden. Heeft iemand iets in mijn drinken gedaan vanmorgen? Ik sta hier midden in een winkel één of ander gestoord verhaal te verzinnen over engeltjes en duiveltjes, terwijl er eigenlijk maar één ding is wat ik moet doen: maken dat ik wegkom, zo snel mogelijk. Niet toegeven aan de verleiding. Want achteraf voel ik me altijd slecht. Ik kom thuis en verstop het leuke shirtje waar ik zo weg van was, omdat ik me voor mezelf schaam. En als ik nu al weet dat ik dit shirtje ga verstoppen in plaats van het te dragen, heeft het absoluut geen zin om het te kopen. Dus waarom kan ik niet gewoon weggaan? Misschien moet ik het even passen. Soms helpt dat. Als ik mezelf het shirtje zie dragen, ziet het er vaak niet zo leuk uit als ik in gedachten had, en kan ik mijn eigen kleren weer aantrekken en met een schoon geweten de winkel verlaten. Behalve wanneer ik dan weer iets anders zie wat ik wil hebben, maar dit keer ga ik proberen niet naar andere dingen te kijken. Ik ga even dit shirtje passen, en als het niet leuk staat, ga ik naar huis. Gewoon naar huis. Niet naar een andere winkel. Ik heb genoeg winkels gezien vandaag, en ik heb zeker al genoeg geld uitgegeven. Hierna kap ik ermee. Een verkoopster – die een smetteloos wit jurkje draagt dat perfect past – knikt vriendelijk naar me als ik een pashokje in ga. Ik denk dat ze me inmiddels wel zal kennen. Ik kom hier elke week. Ik doe alsof ik haar niet ken en doe snel het deurtje dicht. Ik schaam me voor mezelf. Ze weet vast dat ik koopverslaafd ben. Dat is waarom ze naar me knikte. Ze heeft medelijden met me. God, dat is genant. Ik ben blij dat dit pashokje een spiegel aan de binnenkant heeft.
Ik doe mijn trenchcoat uit. Drie maanden geleden was ik er verliefd op. Een rode trenchcoat, zo hip. Maar nu ben ik ‘m zat. Hij is te rood. En zo goed staat hij me nou ook weer niet. Ik moet een nieuwe jas kopen, voor die laatste paar maanden. Ja, dat moet ik echt maar doen. Ik wil een leuk, kort, zwart jasje met een capuchon. Misschien hebben ze zoiets hier. Ik zal nog één keer rondkijken voor ik naar huis ga.
Ik trek mijn shirtje uit en doe het leuke shirtje aan. Als ik het over mijn hoofd trek, weet ik dat het goed voelt. En als ik in de spiegel kijk, weet ik het helemaal zeker: dit is een must-have. Het staat me geweldig. Ik lijk zo slank! Dit shirtje is een wonder. Niet alleen ga ik deze zeker kopen, ik ga ‘m ook kopen in nog drie andere kleuren. Dit shirtje is zo geweldig, daar wil ik er niet maar één van hebben. Ik wil er meer, meer, meer.
“Maar!” piept Engeltje, die plotseling terug is op mijn linker schouder. “Ik dacht dat we hadden afgesproken dat je dit shirtje ging passen om jezelf te bewijzen dat het er verschrikkelijk uitzag wanneer je het aanhad. Je zou het niet echt gaan kopen. Dat was de bedoeling niet.” “Ach, hou je kop toch,” zegt Duiveltje. “Je wist niet dat het zo goed zou staan, of wel? Je moet een uitzondering maken.” “Precies,” beaam ik, terwijl ik mijn eigen shirtje weer aantrek. Meteen klopt de verkoopster op de deur van het pashokje. “Sorry? Kan ik u helpen?” Shit, ik heb het hardop gezegd. Nu denkt ze vast dat ik gek ben. Koopverslaafd én gek. “Nee, nee, het gaat prima,” antwoord ik snel. Mijn wangen zijn bijna net zo rood als mijn jas als ik langs haar loop.
Vijf minuten later sta ik bij de kassa met mijn nieuwe favoriete shirtje in het zwart, wit, groen en roze. Natuurlijk word ik geholpen door de verkoopster die denkt dat ik getikt ben. “Dat wordt dan 61,95, alsjeblieft,” zegt ze koeltjes. Ik knik en probeer zelfverzekerd over te komen. “Ik wou het even pinnen.” Duiveltje, op mijn rechter schouder, maakt triomfantelijk allerlei obscene gebaren naar Engeltje op mijn linker schouder. Maar dan gebeurt er iets dat we geen van drieën verwacht hadden. Er piept iets. De verkoopster kucht ongemakkelijk. Ik hoef haar niet aan te kijken. Ik weet wat er gebeurd is. Ik kan deze shirtjes helemaal niet kopen. Ik heb te weinig geld op mijn rekening. Schande, schande, schande. “Probeer er gewoon één te kopen!” zegt Duiveltje. “Dat kun je misschien wel betalen. Koop gewoon dat shirtje dat je als eerste wilde.” Maar voor de verandering luister ik niet naar hem. “Sorry,” mompel ik. Dan storm ik naar buiten.

Als ik de miezer in loop, voel ik me leeg en schaam ik me voor mezelf. Mijn saldo is nul. Of nog minder dan nul. En waarom? Omdat ik geshopt heb. Omdat ik in de laatste twee weken drie shirtjes gekocht heb, twee truien, een spijkerbroek, twee rokjes en een paar schoenen. Het is makkelijk om te zeggen dat je een shopaholic bent. Veel mensen zeggen dat. Het betekent dat ze gewoon van shoppen houden. Maar voor mij is het niet zo makkelijk. Ik denk ik dat ik een probleem heb. Ik ben serieus verslaafd. Ik moet stoppen met al dat winkelen. Maar als ik dat nou niet kan?
“Als je stopt met shoppen,” zegt Duiveltje. “Wordt je leven ontzettend saai. Net zo saai als de hel. En geloof me, de hel is flink saai.” “Maar je móet ermee stoppen,” zegt Engeltje. “Je zult gewoon wel moeten. Je hebt het absolute dieptepunt bereikt. Wat ga je nu doen?” Ik weet niet wat ik ga doen. Op dit moment slenter ik gewoon door de winkelstraat. Het is al bijna Kerstmis. En ik ben te arm om één klein cadeautje voor mezelf te kopen. “Heb je inmiddels niet genoeg cadeautjes voor jezelf gekocht?” vraagt Engeltje nogal sarcastisch. Duiveltje gromt. “Laat hem maar kletsen. En dat noemt zichzelf een engel. Hij begrijpt niet eens dat het al erg genoeg is dat je alleen bent met Kerst. Niet één cadeautje onder de kerstboom.” Van die gedachte moet ik bijna huilen. Ik zie mijn eigen spiegelbeeld in een ruit. Pluizig haar en een belachelijke rode trenchcoat die me absoluut niet staat. God, ik moet een nieuwe jas hebben. En ik moet een kerstcadeautje hebben.
Ik kijk naar de etalages. Dan zie ik het. Mijn jasje. Mijn prachtige nieuwe jasje. Kort, zwart, met een capuchon. Tomboy-achtig en tegelijk heel vrouwelijk. Veel leuker dan die stomme trenchcoat. Ik ben bang dat dit een must-have is. Engeltje zucht wanhopig. “Het is een can’t-have. Je. Hebt. Geen. Geld. Doe niet zo stom. Martel jezelf niet langer. Ga gewoon naar huis!” Maar ik kan maar aan één ding denken. Het is een must-have. Zo simpel is het. Ik moet dit jasje hebben. “Je bent echt hopeloos! Wat ga je doen, dat jasje stelen?” Duiveltje grinnikt. “Weet je, soms heeft hij best een goed idee.” Nee. Stelen? Zo diep wil ik niet zinken. Dat mijn saldo het nulpunt heeft bereikt, is al erg genoeg. “Oh, kom op,” zegt Duiveltje. “Iedereen zou één keer in zijn leven iets moeten stelen. Veel dieven worden nooit gepakt. En trouwens, het is niet eens een duur jasje.” Ik ga het gewoon even passen, besluit ik. Gewoon om te kijken hoe het staat. Misschien staat het wel voor geen meter. Dat zou makkelijk zijn. En als het wel leuk staat, zal ik dat beeld in gedachten houden als een kerstcadeautje voor mezelf. En als ik mijn volgende salaris krijg, koop ik het. Daar kan ik me dan op verheugen als ik met Kerst helemaal alleen in mijn flat zit.
Weer knikt er een verkoopster naar me als ik het pashokje in ga. Maar dit keer weet ik dat dat niet is omdat ze me herkent, die arme koopverslaafde vrouw. Ik kom hier niet vaak. Ze weet niet wie ik ben. Ze is gewoon vriendelijk. Dat is een goed teken. Ik weet niet waarom, maar het voelt als een goed teken. En ze draagt een outfit die duidelijk is uitgezocht door haar baas, om reclame te maken voor de kleding in de winkel. De kleren staan haar niet. Dat is ook een goed teken.
Ik doe mijn jas uit en trek het coole zwarte jasje aan. Dit keer moet ik het hokje uit om in een enorme spiegel te kijken. “Staat leuk hè?” bemoeit de verkoopster zich er onmiddellijk mee, voordat ik ook maar de kans gekregen heb om zelf te kijken. Ik hou mijn hoofd schuin en bekijk mezelf. Ze heeft absoluut gelijk. Het staat leuk. Superleuk. “Zeg niet dat je het met haar eens bent,” fluistert Duiveltje in mijn oor. “Wat je ook zegt, zeg dat niet.” Ik weet niet wat hij van me wil, maar ik gehoorzaam hem, zoals gewoonlijk. “Ik weet het niet…” Ik hoor mezelf de woorden zeggen alsof ze niet van mij komen. “Ik denk dat ik er nog een nachtje over moet slapen.” De verkoopster glimlacht. “Doe dat. We hebben nog zat van deze jasjes op voorraad.” “Zie je wel?” zegt Engeltje. “Je kunt terugkomen wanneer je het kunt betalen.”
“Ben je gek?” protesteert Duiveltje. “Je moet het hebben, NU! Het is een must-have. Je moet er niet mee wachten. Het is voor Kerst. Het is een kerstcadeautje, verdomme.”
“Je gaat geen jasje stelen. Je bent geen dief. En je zult geen dief worden ook.”
“Het is geen stelen. Het is lenen.”
“Dat zeggen alle dieven! Als je iets meeneemt zonder ervoor te betalen, heet dat stelen.”
“Nee, ik bedoel, je kunt het echt lenen! Je neemt het nu gewoon mee, en wanneer je geld hebt, kun je terugkomen en het alsnog betalen.”
“Dat is het stomste plan dat ik ooit gehoord heb. Stelen is slecht.”
“Niet waar. Het grootste deel van deze spullen is toch belachelijk duur. Ze kunnen niet verwachten dat je overal voor betaalt.”
Ik weet wie gelijk heeft. En ik weet wat ik ga doen. Ik ga niet het goede doen. Want om de één of andere reden wint Duiveltje altijd. Ik wil dit jasje. En ik kan alleen maar denken aan het feit dat ik alleen ben met Kerstmis en ik zie mezelf in dit jasje, wandelend door de besneeuwde straten, en alleen zijn zal plotseling cool zijn en mijn haar zal niet meer pluizig zijn en alles zal helemaal goedkomen en ik geloof echt dat dit jasje alles kan veranderen. Dus ik moet het hebben. En het is niet zo moeilijk, want ik ben een slim meisje. Ik heb vier jasje mee naar binnen genomen, in verschillende maten. Het zal de verkoopster niet opvallen als ik met drie jasjes naar buiten kom in plaats van met vier. En mijn trenchcoat is groot genoeg om één jasje te bedekken. De capuchon zit aan het jasje vast met drukkertjes. Het is belachelijk makkelijk om hem los te trekken en hem te verstoppen in mijn tas. Niemand zal het merken. En ik heb een gratis geweldig jasje.
Mijn hart bonst wild als ik het pashokje uitstap met drie jasjes. Het voelt alsof ik xtc of speed heb genomen of zoiets. Ik geef de drie jasjes aan de verkoopster. Ze kijkt me achterdochtig aan. Of misschien verzin ik dat maar. Dit is ongetwijfeld het engste dat ik ooit heb gedaan. Ik glimlach vriendelijk naar haar en loop weg. Als ik weg kan komen met dit jasje onder mijn jas, als dit me echt gaat lukken, weet ik dat ik alles kan.
Ik kan niet alles, realiseer ik me. Te laat. Wanneer er iets begint te piepen, net als eerder vanmiddag, maar nu harder, veel harder. Piep, piep, piep. Dief, dief, dief. “Maak dat je wegkomt!” zegt Duiveltje. “Zeg dat het per ongeluk was!” zegt Engeltje. Maar ik ben compleet verlamd. Ik kan me niet bewegen. Ik luister naar het gepiep tot ik een hand op mijn schouder voel. “Komt u maar eens even mee, mevrouw. Ik denk dat u iets uit te leggen heeft.” Maar ik denk niet dat ik dit kan uitleggen. Duiveltje heeft me hiertoe overgehaald. Ik moet gek zijn. Koopverslaafd en gek.

Monday, October 23, 2006

Verjaardag

Het is schemerig en warm op het terras. De zon is net onder gegaan. De lange zomeravond begint over te gaan in een zwoele zomernacht.
Paul is even naar de wc en Agnes geniet van de stilte. Ze neemt een trekje van haar sigaret. Bedachtzaam blaast ze de rook uit. Twintig, denkt ze bij zichzelf. Ik ga mijn eerste nacht als twintigjarige in. Ze leunt achterover en sluit even haar ogen. Ze hoopt dat Paul op zijn weg naar de wc weer eens één van zijn vele kennissen tegenkomt, zodat hij wat langer wegblijft. Ze wil alleen zijn. Al is het maar voor een paar minuutjes. De hele avond hebben ze zitten praten. Ze merkt dat ze haar eerste nacht als twintigjarige eigenlijk het liefst alleen door wil brengen, in haar eigen bed. Geen geknuffel, geen gevrij, geen lieve gefluisterde woordjes. Gewoon rust. Rust van Paul en de rest van de wereld.
Plotseling begint haar hart sneller te kloppen. Daar loopt hij. Langs het terras loopt de jongen waar ze vier jaar geleden zo verschrikkelijk verliefd op was. Hij ziet er nog akelig hetzelfde uit. Dezelfde lichtblonde krullen, dezelfde volle lippen, misschien zelfs nog steeds hetzelfde shirt. Ja. Ze zou zweren dat hij dit shirt ook aanhad toen ze hem had uitgenodigd voor haar verjaardagsfeestje, vandaag precies vier jaar geleden. Het verjaardagsfeestje dat ze toen gaf, samen met twee vriendinnen. Waar ze zich zo ontzettend op verheugd had, en waar ze zich zo ontzettend voor had opgetut. Het verjaardagsfeestje dat uiteindelijk de laatste keer zou zijn dat ze hem zag.

Het was schemerig en warm in de kamer. Ze zaten naast elkaar. Ze praatten over huiswerk.
Agnes keek naar zijn wang. Daar hadden haar lippen hem geraakt, twee uur geleden, toen hij binnenkwam.Twee keer op zijn linkerwang en één keer op zijn rechter. Hij had haar beleefd een hand willen geven, afstandelijk als altijd.
,,Gefeliciteerd,” zei hij. Weet je wel wanneer ik echt jarig ben? dacht ze. Ze pakte zijn hand en trok hem naar zich toe. Ze zag zijn verbaasde gezicht snel naar haar toekomen. Ze sloot haar ogen. Tuitte haar lippen. Ze had al zoveel jongens gekust vanavond en nu stond ze er pas bij stil wat ze eigenlijk elke keer deed.
Zijn wangen waren koel. Hij rook naar buiten. Naar fietsen. Naar wind. Zij zou wel naar feest en parfum ruiken. Ze wist dat haar wangen warm waren. Ze voelde zijn lippen er langs strijken. Ze wilde hem niet loslaten.
Ze liet hem los. Beleefd deed ze een stapje naar achteren.
,,Ik heb voor jou ook nog wat,” zei hij, en hij groef in zijn binnenzak. Ook, dacht ze. Zag hij haar kussen als een soort cadeautje?
Hij gaf haar een envelop. Er stond geen naam op. Hij had er vast nog twee, één voor Nienke en één voor Myrthe. Als een van hen hem had binnengelaten had zij deze envelop gekregen, en deze zoen. Het gaf haar een leeg gevoel. Betekende ze zo weinig voor hem?
Haar vingers trilden licht toen ze de envelop openmaakte. Ze hoopte dat hij het niet zag. Er zat een briefje van vijf euro in. Het was ooit helemaal verkreukeld geweest, maar hij moest het gladgestreken hebben voor hij het in de envelop gedaan had.
Ze voelde zich opgelaten nu hij haar geld gegeven had. Ze had op een cadeautje gehoopt, al was maar een boekenbon. Op de een of andere manier voelde ze zich goedkoop. Ze wilde geen geld. Niet van hem.
Ze wapperde onhandig met het briefje. ,,Ik zal er iets leuks mee doen,” beloofde ze lachend.
Het gaat op de grote hoop, dacht ze, met het al andere geld dat ik vanavond krijg. Je betaalt mee aan de cd die ik ga kopen. Dat is alles. Ik zal waarschijnlijk niet eens aan jou denken als ik die cd draai.
Dat was twee uur geleden geweest. Twee woelige uren, waarin ze nog meer mensen had gezoend en nog meer cadeautjes en geld gekregen had. Hij en Fabian hadden zitten gooien met snoepjes die Myrthe die middag zorgzaam in een schaal op tafel had gezet, tot Nienke had gezegd dat ze op moesten houden. Hij had voor de televisie gehangen en voetbal gekeken. Hij had haar schutterig gevraagd hoeveel mensen ze hadden uitgenodigd, maar nauwelijks geluisterd naar haar antwoord. Ze had het gevoel dat hij op school veel leuker was.
En nu zaten ze dus naast elkaar, en voerden ze een houterig gesprek over huiswerk. ,,Heb jij Latijn al af?” vroeg ze hem.
,,Nee,” zei hij.
,,Ik half,” zei ze.
,,Mail het effe,” grijnsde hij.
,,Mooi niet,” zei ze. Ze kreeg een idee. ,,Ik heb stukje 1 al af,” zei ze. ,,Als ik die nou naar jou mail, en jij mailt 2 naar mij?”
,,Nee,” zei hij.
Zo simpel was het dus. Gewoon nee. Niets meer, niets minder. Hij zag ineens iets heel interessants aan de andere kant van de kamer. Zonder iets te zeggen liep ze weg. Ze moest iets drinken. Iets sterks. Ze schonk Martini in een plastic bekertje. Terwijl ze ervan nipte liep ze terug naar de jongens. Fabian was op haar plaats gaan zitten. Ze kon er duidelijk niet meer bij. ,,Oh,” zei ze.
,,Ja,” zei hij. Hij lachte. Het was geen aardige lach zoals anders. Jammer, meisje, zeiden zijn ogen.
Ze draaide zich om en liep weg, de houten trap af, naar het soutterrain, waar de muziek zo hard mogelijk stond. Toen ze na een tijdje weer boven kwam, was hij er niet meer. Ze vroeg aan iemand waar hij was. Hij was weggegaan, hoorde ze. Ze knikte.
Ze was blij toen iedereen naar huis was. Eigenlijk wilde ze zelf ook het liefst naar huis. Ze wilde alleen zijn. Ze wilde hier niet bij Nienke blijven logeren. Ze wilde in haar eigen bed liggen en bedenken waar het was misgegaan.
Haar eerste échte zoen zou hij haar in elk geval nooit geven.

Na de zomervakantie was hij opeens van school. Verhuisd, blijkbaar. Het feestje voor haar zestiende verjaardag was de laatste keer dat ze hem zag. Tot nu toe, dan.
Hij ziet haar ook. Hij staat stil. Hij komt naar haar toe. ,,Hé, hallo,” zegt hij.
,,Hoi,” zegt ze. ,,Lang geleden.”
,,Zeg dat wel.”
,,Hoe gaat het?”
,,Goed hoor, met jou?”
,,Ook goed. Vier mijn verjaardag.”
,,Oh, gefeliciteerd.”
Een hand op haar schouder. Paul. ,,Zullen we gaan, schat?”
Ze knikt. ,,Ja. We gaan.” Ze kijkt naar hem. ,,Nou, dag,” zegt hij. ,,Dag,” zegt ze, terwijl ze haar sigaret uitdrukt. Als ze opkijkt, is hij verdwenen.
Paul slaat zijn arm om haar heen. ,,Wie was dat?” vraagt hij. Ze haalt haar schouders op. ,,Oh, niemand. Van vroeger.”
Paul wil haar duidelijk naar zijn huis koersen, maar Agnes maakt zich los uit zijn greep. Zegt dat ze het een leuke avond vond, maar dat ze nu alleen wil zijn. Belooft hem morgen te bellen. Laat hem beteuterd achter en loopt alleen de avond in. Misschien wordt vannacht niet haar eerste nacht als twintigjarige, maar nog één laatste nacht als negentienjarige. Nog één keer zwijmelen over degene die ze nooit kon krijgen. En dan morgen volwassen wakker worden.

Zandvoort en Terschelling

Een vakantieverhaal

Zaterdag
Jelle zat wijdbeens op het rieten matje voor zijn tent en nam een grote slok van zijn bier. Hij zuchtte en staarde voor zich uit. ,,Jelle, man, waar blijf je nou?” hoorde hij zijn vriend Dennis vanuit de douchteruimte roepen. ,,We gaan dames oppikken vanavond! Je moet wel een beetje goed voor de dag komen!” Jelle hees zich overeind en liep naar de douches. Zijn drie vrienden stonden ijverig gel en wax in hun haar te smeren. ,,Mag ik je er even aan herinneren dat ik een vriendin heb?” zei hij koeltjes. Dennis zette de tube gel neer op de metalen wasbak en kreunde. ,,Daar heb je ons vandaag al genoeg aan herinnerd. Je hebt geen zeemeeuw gezien op die boot man, je hebt alleen maar zitten sms-en! Je lijkt zelf wel een wijf.” Jelle nam de laatste slok van zijn bier. ,,Zij bleef míj maar sms-en,” verdedigde hij zich zwakjes. ,,Van mij hoefde het niet zo nodig, maar anders wordt ze weer verdrietig enzo.” Hij voelde zich meteen schuldig tegenover Amber. Wat zou ze kwaad worden als ze hem dit hoorde zeggen. Maar Amber hoort je dit niet zeggen, hield hij zichzelf streng voor. Amber zit in Zandvoort, jij zit op Terschelling. Maak nou toch eens een beetje plezier, man! Hij probeerde het visioen van Amber zoenend met een onbekende gozer te verjagen.
,,Nou, Amber zal ook wel uitgaan daar in Zandvoort,” zei Michiel. Bedankt man, dacht Jelle bij zichzelf. Daar voel ik me nou echt beter door. ,,Ja, dat weet ik wel zeker,” zei hij kort. ,,Ik ga even een ander shirt aantrekken en dan ben ik er klaar voor.”
Terwijl hij terugliep naar de tent, probeerde hij nog steeds zijn spookbeeld van daarnet te verdrijven. Kom op, Amber zou hem heus wel trouw blijven. Oké, ze was nogal een feestbeest, maar oneerlijk was ze niet. Ze zou misschien een beetje flirten, maar verder zou ze nooit gaan. Ze hield van hem. Dat had ze gisteren nog gezegd. Terwijl hij een schoon shirt aantrok, vertelde Jori, zijn tentgenoot, dat ze vanavond naar een of andere rocktent zouden gaan. ,,Wordt vast lachen!” zei hij enthousiast. ,,Het wordt zeker lachen,” bevestigde Jelle. Om zijn woorden kracht bij te zetten pakte hij zijn telefoon en stuurde nog één berichtje naar Amber. “Ga je uit? Wij nu. Gaan naar rocktent ofzo. Wordt lachen. X”.

,,Alwéér een sms-je?!” riep Suzanne uit. ,,Amber, kom eens! Je hebt een berichtje van je luvvah!” Amber, die zat te praten met de bewoners van de tent tegenover die van hen, riep over haar schouder: ,,Lees maar even voor.” Suzanne giechelde. ,,Weet je het zeker?” Amber grinnikte. ,,Ik heb geen geheimen. En zijn sms-jes zijn toch altijd heel braaf.” Suzanne pakte Ambers mobiel uit haar tasje en drukte op “nu lezen”. ,,Ga je uit?” las ze luid. ,,Wij nu. Gaan naar rocktent ofzo. Wordt lachen. Kus.”
Amber gooide haar hoofd in haar nek en lachte. ,,Ik zie het al voor me! Jelle die onder de voet wordt gebeukt!” ,,Is Jelle je vriend?” informeerde één van de jongens waarmee Amber zat te praten. Ze knikte alleen. Dat verdient Jelle niet, zei een stemmetje vanbinnen. Jelle is lief. Hij verdient toch op z’n minst een “ja”, of eigenlijk zelfs een “ja, al een halfjaar”. Maar Jelle leek hier zo ver weg. En de jongens waarmee ze nu al een half uur gezellig zat te kletsen, waren dichtbij. ,,Serieus enzo?” vroeg de jongen naast haar, die iets dichterbij zat dan nodig was. Amber haalde haar schouders op. ,,Nah…” Dat kan van alles betekenen, hield ze zichzelf voor.
,,Hé, wij gaan vanavond barbecueën op het stand,” zei de jongen naast haar. ,,Zin om mee te gaan?” Amber keek vragend achterom naar Suzanne. Die knikte. ,,Lijkt me gezellig?” ,,Okee,” besloot Amber. ,,Doen we.” ,,Mooi! Gezellig!” zei de jongen enthousiast. ,,Ik ben trouwens Emiel.” Hij schudde haar hand en hield die net iets te lang vast. De andere vier begonnen zich ook voor te stellen. Maar bij Amber bleef alleen de naam Emiel hangen.
,,Moet je Jelle niet even een berichtje terug sturen?” vroeg Suzanne voorzichtig toen ze zich omkleedden in hun tent. ,,Oh ja, natuurlijk.” Amber voelde een steekje schuldgevoel omdat ze dat vergeten was. Ze pakte haar mobiel. Nieuwe sms schrijven. Even staarde ze inspiratieloos naar het schermpje. Toen schreef ze: “Gaan bbqen op strand. Ook lachen. X”.

Zondag
Ik vertrouw het gewoon niet, dacht Jelle koppig bij zichzelf. Barbecueën op het strand, met z’n tweeën, tuurlijk. En mij maak je niet wijs dat ze dat met een hele bende meiden zijn gaan doen. Er moet minstens één jongen mee zijn gegaan om het vuur aan te maken. En Amber is natuurlijk de mooiste van allemaal, dus die jongen heeft haar uitgekozen om mee te flirten. En Amber is heel gevoelig voor jongens die met haar flirten.
Hij had deze theorie op weg naar het strand voorzichtig uiteengezet tegen Michiel, maar die had hem voor “paranoïde idioot” uitgemaakt. En hem er nog bij verteld dat hij bezitterig, zielig en jaloers was en dat hij Amber een beetje ruimte moest geven en haar niet steeds moest zitten sms-en. ,,Wat hebben jullie nou voor relatie als je haar niet eens voor een weekje alleen vertrouwt?!” ,,Wijvenpraat!” had Dennis, die voor hen fietste, over zijn schouder geroepen. Toen was Michiel over iets anders begonnen.
Nu zaten ze bij één of andere strandtent. De serveerster zette een biertje voor Jelle neer. Hij staarde ernaar. Hoeveel bier zou Amber gedronken hebben, gisteravond, op het strand? Want Amber was zo’n meisje dat altijd bier meedronk met de jongens om stoer over te komen. En jongens trapten er altijd in. ,,Jelle zit naar dat bier te kijken alsof het ‘m elk moment kan aanvallen,” hoorde hij Dennis zeggen. Michiel en Jori grinnikten. ,,Alsjeblieft, man,” kreunde Michiel. ,,Doe nou even relaxed!”
Ondertussen was Dennis op de één of andere manier aan de praat geraakt met het groepje meisjes aan het tafeltje schuin achter hen. ,,Schuif even hier aan,” stelde hij voor. Giechelig kwamen de meisjes, ook een groepje van vier, bij hen zitten. Eén van de vier pakte demonstratief haar stoel op en kwam naast Jelle zitten. ,,Als jij dat biertje niet hoeft, mag ik het dan opdrinken?” Hij keek naar haar. Ze had lang, kastanjebruin haar en een mooie glimlach. Ze was ongetwijfeld erg knap. Ze lachte vrolijk naar hem. Hij wist geen raak antwoord. ,,Ik drink het wel op,” zei hij, en hij hoorde hoe kortaf dat klonk. ,,Maar ik kan er nog wel een voor jou bestellen?” voegde hij eraan toe. Haar glimlach werd breder. ,,Lekker, dankjewel,” zei ze. ,,Ik ben Jamie.” ,,Jelle,” zei Jelle, en gaf haar een hand. Onwillekeurig hield hij haar hand net iets te lang vast.

Maandag
Twee lange, hete dagen waren het geweest. Twee dagen vol broeierige blikken en geheime verlangens. Emiel. Amber had niet het gevoel dat ze hem nog veel langer zou kunnen weerstaan. Ze voelde zich permanent dronken van de zon, zijn intense blikken en zijn zogenaamd toevallige aanrakingen. En hij wist het, en voelde het ook. Hij kwam naast haar lopen, hij kwam naast haar zitten, en op het strand kwam hij naast haar liggen. En bij al die dingen sloeg hij steeds toevallig een arm om haar heen. Suzanne keek dan duidelijk afkeurend hun kant op, maar Amber deed altijd alsof ze dat niet zag. Jelle zou precies hetzelfde doen, hield ze zichzelf voor. Gewoon een vakantieflirt. Het is niet erg. Zolang het niet verder gaat dan dit, kan het best.
Nu was het laat, en eindelijk begon het af te koelen. Maar voor Amber was het nog steeds het warmste moment van de dag. Ze waren met z’n allen in een strandtent. Zij en Emiel zaten samen op een van de enorme witte banken. Emiel sloeg zijn arm weer om Amber heen, en trok haar tegen zich aan. Hij veegde het haar weg voor haar oor en mompelde: ,,Ik heb met mijn vriendin afgesproken dat we niet verder gaan dan zoenen.” Ze wist niet eens dat hij een vriendin had, maar ze nam niet de tijd om er verder bij stil te staan. Voor ze het wist had ze teruggefluisterd: ,,Ik met mijn vriendje ook.” Toen voelde ze zijn lippen, en een moment later, zijn tong. Vol overgave zoende ze hem terug. Ze voelde geen schuldgevoel. Ze was er opeens van overtuigd dat Jelle en zij inderdaad hadden afgesproken dat dit mocht. Iets dat zo goed voelde kon toch nooit verboden zijn?

De bassen van de muziek dreunden door Jelle heen. Hij nam nog een slok van zijn zoveelste biertje. Jamie kwam voor hem dansen. Ze hield haar meegesmokkelde fles wodka boven zijn gezicht. Jelle opende zijn mond en Jamie goot lachend de drank erin. Man, dit was pas genieten. ,,Mis je je vriendin nog steeds?” schreeuwde Jamie in zijn oor. Jelle sloeg zijn armen om haar middel. ,,Nee!” riep hij. ,,Ik heb hier genoeg afleiding!” Hij gaf Jamie een kus in haar hals.
Ze hadden het leuk gehad, de afgelopen twee dagen. Het was duidelijk dat Jamie hem wel zag zitten, en hij vond het leuk om met haar te flirten. Hij wist dat Amber dat ook zou doen. En misschien nog wel meer ook. Maar hij deed nu hetzelfde, dus het maakte hem niet meer uit. Hun smsjes aan elkaar werden steeds korter, maar Jelle vond het niet erg. Dat zou na deze vakantie wel weer goed komen.
Hij en Jamie dansten nu heel dichtbij elkaar. Hij voelde hoe de spanning zich steeds meer opbouwde. Jamie moest het ook wel voelen. Toen ze spanning bijna ondraaglijk werd, riep ze in zijn oor: ,,Hoe ver ga je?” ,,Zo ver,” zei Jelle, en hij zoende haar. Ergens op de achtergrond meende hij Dennis boven de muziek uit te horen loeien.

Dinsdag
Jelle lag op het strand te doen alsof hij sliep. Zijn hoofd bonkte. Het bonkte op de maat van “jij lul, jij lul, jij lul”. Hij voelde zich ook een lul. Hij had met een ander meisje gezoend. En niet eventjes; nee hoor, de halve nacht. Hij was vreemdgegaan. Hij had Amber bedrogen. Hij had zichzelf wijsgemaakt dat Amber ook wel met iemand zou zoenen. Maar stel dat ze dat nou niet deed? Stel dat ze nou haar uiterste best deed om hem trouw te blijven? Stel dat ze trots op zichzelf was, omdat ze steeds zo dapper de verleiding weerstond? Hij had iets vreselijks gedaan. Hij had haar bedrogen omdat hij geen greintje vertrouwen in haar had gehad.
Hij besloot Jamie de rest van de week te ontlopen.

Amber voelde Emiels blik toen ze opstond en met Suzanne naar de zee liep. ,,Oh, hij kan heerlijk zoenen,” zuchtte ze. ,,Ik verheug me nu alweer op vanavond.” Suzanne keek haar geschokt aan. ,,Vanavond?! En Jelle dan?” Amber haalde haar schouders op. ,,We gaan niet verder dan zoenen. Dat moet toch gewoon kunnen.” ,,Vindt Jelle dat ook?” informeerde Suzanne voorzichtig. ,,Vast wel,” zei Amber onverschillig. Op dit moment kon Jelle haar eigenlijk niet zoveel schelen. Ze wist dat ze zich eigenlijk schuldig zou moeten voelen, maar Jelle leek zo ver weg. En als ze straks weer terug in Hengelo waren, zou Emiel weer ver weg lijken. Dus wat was het probleem?

Donderdag
De één na laatste avond. Een goeie reden om uit eten te gaan, hadden Jori en Dennis bedacht. De meisjes waren meegevraagd, ze zouden over een half uur staan te wachten bij het hek van hun camping. Jelle baalde. Hij was Jamie al twee dagen met succes uit de weg gegaan. Dinsdagavond was hij niet mee uit gegaan, omdat hij hoofdpijn had. Toen zijn vrienden woensdag met de meiden op het strand hadden afgesproken, was Jelle in zijn eentje het bos in gegaan, zogenaamd omdat hij van de zon nog meer hoofdpijn zou krijgen. Woensdagavond wilden de meisjes op hun camping blijven en een beetje relaxen, dus had Jelle zijn vrienden ervan overtuigd dat ze uit moesten vanavond. Hij had geen meisje aangeraakt. Om zichzelf te straffen, had hij zichzelf zelfs verboden naar meisjes te kijken. Ze hadden het tot de vroege ochtend in de disco volgehouden en vandaag tot in de middag geslapen. Maar nu was dus dat uit-eten-plan opeens opgekomen, en was hij gedwongen om Jamie te zien. Hij kón vanavond niet wegblijven. Ik ga wel helemaal aan de andere kant van de tafel zitten, besloot hij.

De één na laatste avond. Een goeie reden om uit eten te gaan, hadden de jongens besloten. Suzanne en Amber werden niet eens meer meegevráágd, die gingen gewoon mee. Ze waren helemaal bij de groep gaan horen. Suzanne had nu ook iets met één van hen, dus het was één groot feest.
Emiel en Amber zaten naast elkaar in het restaurant. ,,Morgen is alweer de laatste avond,” zei Emiel. Hij keek haar diep in de ogen. ,,Wat gaan we dan doen?” Amber geeuwde. ,,Uit, waarschijnlijk. Zoals tot nu toe iedere avond. Damn, ik voel nu opeens hoe moe ik ben.” Dat was natuurlijk een inkoppertje voor Emiel, realiseerde ze zich, direct toen ze het gezegd had. ,,We kunnen ook gezellig saampjes in bed kruipen…” mompelde hij. Weer zo’n broeierige blik. Een blik die Amber in haar onderbuik voelde. Ze slikte moeizaam. Ze had het gevoel dat ze niets kon zeggen, maar ze móest iets zeggen. Zwijgen was toestemmen. ,,We zien wel,” zei ze hees. Aan Emiels ogen zag ze dat dat ook als toestemming werd opgevat.

Jelles plan mislukte jammerlijk. Jamie had blijkbaar ervaring met dat soort dingen, want ze pikte handig de plaats naast Jelle in voordat iemand anders er zelfs maar de kans voor had gekregen. Ze keek hem recht in de ogen. ,,Wat is er aan de hand?’ vroeg ze. Op zoveel directheid had Jelle niet gerekend. Eerlijkheid is het beste, zei hij tegen zichzelf. ,,Sorry Jamie, we kunnen hier niet mee doorgaan,” zei hij. ,,Ik heb een vriendin. Het spijt me.” Ze lachte. ,,Wat, het spijt je dat je een vriendin hebt?” Jelle keek haar boos aan. ,,Sorry,” zei ze. ,,Ik begrijp het. Ik heb met mijn vriendje afgesproken dat we niet verder gaan dan zoenen.” Jelle wist niet eens dat Jamie een vriendje had. Nou hoef ik haar helemaal niet meer, dacht hij. ,,Mijn vriendje zit in Zandvoort met zijn vrienden,” babbelde Jamie verder. ,,Waar is jouw vriendinnetje naartoe?” ,,Ook naar Zandvoort!” zei Jelle verrast. ,,Wat toevallig.” Jamie lachte. ,,Wie weet, misschien kennen ze elkaar nu wel.” Ze leek te accepteren dat er niets meer tussen hen zou gebeuren. Jelle begon zich een beetje te ontspannen. ,,Ja,” zei hij. ,,Wie weet.”

Vrijdag
Amber en Emiel liepen samen de disco uit. Even een luchtje scheppen, heette het. Emiel pakte Ambers hand. ,,Kom, we gaan naar het strand,” zei hij zachtjes. ,,Ik weet dat je het wilt.”

Jelle en Jamie liepen samen langzaam achter de groep aan, richting fietsen. ,,We kunnen nog even samen naar het strand gaan,” stelde Jamie voor. Ze sloeg haar arm om Jelles middel. ,,Ik weet dat je het wilt,” fluisterde ze in zijn oor.

,,Ik weet het niet…” aarzelde Amber. ,,Ik heb een vriendje en jij hebt een vriendin…”
,,Mijn vriendin zit met de meiden op Terschelling. Die komt er nooit achter.” ,,Hé, mijn vriendje zit ook op Terschelling!” zei Amber verrast. Emiel trok haar nog iets dichter tegen zich aan. Hij schoof zijn hand in de kontzak van haar broek. ,,Dan komt die er dus ook nooit achter,” zei hij droog. Hij zoende haar in haar nek.

Jelle voelde opeens heel duidelijk dat hij al een week geen seks meer gehad had. ,,Ik weet ook wel dat ik het wil,” zei hij schor. ,,Maar het is niet verstandig. Ik wil Amber niet bedriegen.” ,,Amber zit in Zandvoort,” zei Jamie, terwijl ze haar hand naar Jelles kont verplaatste. ,,Ze komt er nooit achter. En ik durf te wedden dat zij ook vreemdgaat. Kom op, iedereen gaat vreemd op vakantie.’

,,Alsjeblieft, hou op, zometeen doe ik het nog ook,” zuchtte Amber. Maar Emiel hield niet op. Hij stopte met lopen en trok haar helemaal tegen zich aan. ,,Weet je?” fluisterde hij in zijn oor. ,,Dat vriendje van je blijft jou ook niet trouw. En weet je waarom? Omdat mijn vriendin rondloopt op Terschelling. Mijn vriendin heet Jamie en ze is heel mooi. Als zij haar zinnen op je vriendje heeft gezet, gaat hij vreemd.”

Jelle rukte zich los. ,,Mijn vriendin niet,” zei hij, en opeens wist hij dat heel zeker. ,,Ik weet niet wat voor ziek beeld jij van relaties hebt, maar mijn vriendin laat zich niet zomaar door de eerste de beste boerenlul verleiden. Dat jouw vriendje dat nou doet! Maar mijn vriendin doet zoiets niet. Dus ik ook niet. Zoek maar een ander.” Met grote stappen beende hij naar zijn fiets. Hij keek niet meer achterom.

,,En als ze dat nou niet heeft gedaan?” vroeg Amber zacht, in een laatste poging de controle over de situatie terug te krijgen. ,,Dan ook,” verzekerde Emiel haar. ,,Geloof me. Zo zíjn jongens.” En Amber geloofde hem. Ze wilde hem geloven. Ze wilde hem.

Jelle kroop in zijn slaapzak. Hij voelde zich opgelucht en tevreden. De vakantie was voorbij. Morgenavond zou hij Amber weer zien. Hij verlangde naar haar. Morgen zouden ze alle schade eens goed inhalen, en ze zouden allebei blij zijn dat ze elkaar trouw waren gebleven. Want Amber zou hem nooit bedriegen. Dat wist hij opeens zeker.

Amber keek naar de sterren en luisterde naar Emiels ademhaling, die langzaam weer regelmatiger werd. Ze gaf hem een kusje op zijn borst en kroop tegen hem aan. Hij sloeg zijn arm om haar heen. Amber deed haar ogen dicht. Ze wilde niet aan Jelle denken. Jelle had het vast ook met iemand anders gedaan. Dat wist ze opeens zeker.

Hospiteren

De bel klinkt snerpend in de lange gang. Terwijl ze wacht tot iemand de deur open komt doen, trekt Isabel in een impuls nog even snel het elastiekje uit haar haar. Los is toch beter.
Het licht in de gang wordt aangeknipt, en het volgende moment gaat de deur open. Een klein, ietwat mollig meisje neemt Isabel in een nanoseconde van top tot teen op. Haar slappe donkerbruine haar, het korte rode jasje dat eigenlijk eens in de was moet, de spijkerbroek die haar benen een beetje kort lijkt te maken, de laarzen die ze eens zou moeten poetsen. Hou op, zegt Isabel tegen zichzelf. Haal jezelf niet zo naar beneden. Je bent leuk genoeg.
Ze haalt haar stralende glimlach tevoorschijn en steekt monter haar hand uit. “Hoi, ik ben Isabel!” Het meisje geeft zich een slap handje terug en stelt zich voor als Lieke. Daarna blijft het stil. Isabel hangt haar jasje op. Kijkt Lieke nou kritisch naar haar strakke shirtje, of verbeeldt ze zich dat maar?
Terwijl Lieke haar voorgaat naar de gemeenschappelijke woonkamer, bekijkt Isabel haar. Lang, rossig haar, opgestoken met een nonchalance die ze zelf nooit voor elkaar krijgt. Zwart vestje waar niet één pluisje op te bekennen is. Duur uitziende ribfluwelen rok. Dit wordt niks. Ze kan zich niet voorstellen waarom dit meisje uitgerekend háár in huis zou willen nemen.
In de woonkamer zitten nog twee bewoners, een jongen en een meisje. De jongen zit te bellen en kijkt niet op of om als Isabel binnenkomt. Het meisje geeft een zo mogelijk nog slapper handje dan Lieke en mompelt onverstaanbaar een naam.
“Wil je iets drinken?” vraagt Lieke beleefd. Isabel schudt haar hoofd. Ze ziet al voor zich hoe haar hand zal trillen als ze haar glas pakt. Dat zal een lekkere indruk maken.
Lieke gaat zitten en pakt een schrijfblok. “Eerst even je telefoonnummer, zodat we je kunnen bellen als je het geworden bent.” Braaf noemt Isabel haar nummer op. Wat een hypocriet gedoe is dit toch altijd. Ze zal niet gebeld worden. Niet vandaag. Niet door dit huis. Ze zullen iemand kiezen die bij hen past, iemand die ook in staat is zwarte kleren zonder pluisjes te dragen.
“Vertel eens iets over jezelf.” Daar is het al, het gehate zinnetje. Wat ze over zichzelf vertelt, klinkt steevast oninteressant. Zeker als je ziet dat iemand je naam in gedachten al doorstreept. Maar ze glimlacht vriendelijk en begint de hele litanie nog eens opnieuw. “Nou ja, ik ben dus Isabel, ik ben negentien jaar oud, kom uit Krimpen aan de Ijssel. Ik studeer Diergeneeskunde hier in Utrecht, ik ben nu tweedejaars. Op zaterdag werk ik in een kantoorboekhandel. Wat wil je nog meer weten?” Lieke haalt haar schouders op. “Wat je kwijt wilt.” Het klinkt zo ongeïnteresseerd dat Isabel zin heeft om op te staan en weg te lopen, om de afwijzing voor te zijn, de eer aan zichzelf te houden. Maar dat durft ze natuurlijk weer niet. “Ehm, tja, wil je iets weten over mijn hobby’s?” Lieke knikt. Isabel merkt opeens dat ze al de hele tijd gedachteloos aan haar armbandje zit te frunniken. Shit, nu denken ze niet alleen dat ik saai ben, maar ook nog dat ik een zenuwtic heb. Maar ze glimlacht weer, en vertelt dat ze vooral houdt van lezen en dat ze al sinds haar negende piano speelt. “Sport?” informeert Lieke. Ze schudt haar hoofd. Nee, geen sport. Lui. Ze grinnikt om haar eigen afgezaagde grapje.
Lieke staat op. “Wil je de kamer zien?” Isabel knikt en loopt achter haar aan de smalle trap op. In één oogopslag ziet ze dat ze het niks vindt. Veel te klein, veel te benauwd. Maar dat durft ze natuurlijk niet te zeggen. Ik word het toch niet, denkt ze bij zichzelf.
Als ze weer beneden zijn, zegt ze dat ze er maar weer eens vandoor gaat, glimlacht nog eens naar Lieke en wenst haar succes met de rest van de hospiteeravond. En met je behulpzame huisgenootjes, denkt ze er achteraan. Ze trekt haar rode jasje weer aan en stapt de frisse novemberlucht in. Zodra de deur achter haar dicht valt, is haar saaie gevoel over. Ze kijkt op haar horloge. Als ze een beetje doorloopt, kan ze de eerstvolgende trein nog halen. Ze is benieuwd of er nog leuke nieuwe kamers op Kamernet staan.

Lieke doet de deur achter Isabel dicht. Nee, die wordt het in elk geval niet, dat is duidelijk.Waarom, dat weet ze eigenlijk niet eens precies. Ze vond haar gewoon niet zo aardig. Misschien was ze te perfect. Met dat mooie steile donkere haar en die grote blauwe ogen, dat hippe rode jasje en dat strakke shirtje dat ze met haar figuur zo goed kon hebben. Daar sport ze niet eens voor, ze heeft het gewoon van zichzelf. En dan doet ze ook nog eens een zware, moeilijke studie als Diergeneeskunde, én ze speelt op hoog niveau piano. Ze hoort bij het soort mensen dat zich altijd ver verheven voelt boven mensen als Lieke, al liet ze daar vanavond niets van merken. Nee, die Isabel valt af. Met zoveel perfectie wil Lieke niet in één huis wonen. Ze zou zich vreselijk onzeker voelen. En vreselijk saai.